Zo kan het ook

,

Voldaan met 6 smaken

Voel jij je na een maaltijd over het algemeen voldaan? Of ga je daarna nog wel eens op zoek naar een snack of graai je nog even in koektrommel of droppot? Waar zou dat aan kunnen liggen?

Er zijn ongetwijfeld vele oorzaken waarom de ene maaltijd beter ‘valt’ dan de andere. Heb ik zelf na afloop van een maaltijd een minder voldaan gevoel, dan check ik de volgende punten:

  • Welke smaken heb ik wel en welke niet in het gerecht gebruikt?
  • Pasten de gebruikte smaken wel goed bij mijn type?
  • Was één smaak wat te veel aanwezig en was die smaak in deze hoeveel wel geschikt voor mijn type?
  • Paste het gerecht zelf eigenlijk wel bij mijn type, ook al waren het wel de juiste smaken en in de juiste hoeveelheid?

De kunst van koken met smaken

Eten klaarmaken dat voldoening geeft is wel een beetje maatwerk. De kunst van koken met smaken lijkt daardoor misschien niet zo makkelijk. Maar weet je wat bij jouw type past en leer je spelen met de hoeveelheden van elke smaak, dan kom je steeds meer tot een maaltijd die je een voldaan gevoel geeft.

Deze voorbeeldrecepten helpen je op weg. Bij elk recept lees je voor welk type het vooral geschikt is. Met de ingrediënten en kruiden van het recept voeg je de smaken vanzelf toe. In de workshop In je element leer je meer over de smaken die voor jou het verschil maken.

Van borrelende buik naar blije buik

Maar wat is nou dat voldane gevoel? Simpel gezegd, komt het erop neer of je niet alleen lekker hebt gegeten, maar je na afloop ook nog lekker voelt. Je hebt bijvoorbeeld geen dorst omdat er niet zo rijkelijk met zout is gestrooid. Je gaat er nog even tegenaan en hebt geen behoefte aan een tukje op de bank na afloop. Je hebt het niet te heet en ook niet te koud. En je hebt ook geen last van die ‘borrelende buik’. En dat tussendoortje? Je denkt er minder of zelfs helemaal niet meer aan.

Spelen met smaken

In veel ‘gemaksgerechten’ of ‘Hollandse potten’ is het aantal smaken doorgaans wat beperkt of minder afgestemd op een specifiek type. Bijvoorbeeld zoet, zout en zuur komen als smaken redelijk vaak voor, maar ontbreekt er ook een aantal. Breid je in een maaltijd het smaakpallet uit met bitter, wrang en scherp, dan zorg je daarmee voor meer ‘diepte’ in het gerecht. Stem je de hoeveelheden van elke smaak dan ook nog eens af op jouw type, dan is de maaltijd niet alleen smaakvoller, maar geeft ook een voldaan gevoel.

Ook interessant